Het statige 18e eeuwse huis dat achter Thorbeckegracht 11 in Zwolle schuilgaat, is misschien wel de meest toekomstgerichte plek waar het verleden een directe verbinding met het heden legt. Zodra de hedendaagse bezoeker binnenstapt begint onvermijdelijk het gesprek dat erfgoed heet. Door het verhaal van het verleden te vertellen worden de lessen die de geschiedenis ons leert tastbaar en blijvend. Een reden voor behoud van erfgoed, maar hoe vervult de gemeente deze taak in een zich terugtrekkende overheid?
In het huis van Thorbecke worden de gemeentelijke bezoekers telkens opnieuw herinnerd aan de gedachten van deze staatsman over de rol van lokale overheden in de samenleving. Deze herinneringen maken de inspiratie van het Staatshuys krachtiger en de doorwerking ervan voor gemeentelijke organisaties duurzaam. Op dezelfde wijze biedt de inzet van de erfgoedambassadeur van het Staatshuys een bijzondere meerwaarde voor gemeenten die hun veranderende rol in de samenleving optimaal willen oppakken.
Het rijk acht de bescherming van ons gezamenlijk verleden een taak van gemeenten, die hun identiteit ontlenen aan het cultureel erfgoed binnen hun grondgebied. Dit kunnen de monumentale panden zijn aan het centrale marktplein, maar ook de agrarische lintbebouwing langs de ontginningsdijken in het Groene Hart. Vergeet daarbij de tradities van kaasmarkten, archeologische vindplaatsen of industriële ontwerpen ook niet als beeldmerken van een stad of regio.
In de visie van het Staatshuys verandert de taak van gemeenten voor cultureel erfgoed niet, maar de rol wel. Een toekomstbestendig erfgoedbeleid is gericht op enerzijds de kaders van de gemeentelijke politiek en anderzijds op de praktijk van storytelling en het stimuleren van partnerships door de lokale gemeenschap, burger en ondernemer, zelf. Op deze manier neemt de samenleving zelf de rol van ambassadeur van de eigen identiteit, wat inherent is aan de visie van Thorbecke. De ambassadeurs van het Staatshuys borgen dat de rol van de samenleving en de relatie tot de gemeente op de best mogelijke manier tot uitdrukking komt.
De reactie van Thorbecke is hier glashelder: “Ik zal niet zeggen dat ik geen belang stel in kunst, maar het is geen zaak van Regering; de Regering is geen oordelaar van wetenschap en kunst” (bron: Parlementaire redevoering). Erfgoed, beschouwd als onderdeel van kunst en cultuur, moet behouden blijven, maar het toekennen van waarde hieraan is aan de samenleving. De gemeente is het instituut dat de samenleving de mogelijkheid biedt erfgoed van waarde te maken, maar het is de samenleving die het moet doen. Dit betekent een nieuwe rol voor erfgoedinstellingen en –eigenaren. Cultureel ondernemerschap voor erfgoedinstellingen is daarbij onmisbaar om het benodigde draagvlak voor behoud van erfgoed en de stimulerende rol van de samenleving te waarborgen. De sector is deze transitie pas net begonnen. De gemeenten moeten meestal nog volgen.
Erfgoed is de verbindende schakel tussen het heden en het verleden. Gemeenten kunnen hun kaders zo stellen dat het erfgoed dat haar een eigen onderscheidende identiteit geeft, beschermd en behouden blijft, zonder dat zij hier de hoofdrol in speelt. Op dezelfde verbindende wijze stelt het Staatshuys Thorbecke in staat om postume juist deze boodschap uit te dragen aan de politieke vertegenwoordigers van ons hedendaags staatsbestel. Het geboortehuis heeft een transformatie ondergaan om met behoud van originele kenmerken de toekomst met visie tegemoet te treden en verandering in het staatsbestel te bewerkstelligen. Het Staatshuys daagt nu met haar gespecialiseerde ambassadeurs gemeentebesturen uit om kennis te komen maken met Thorbecke en op dezelfde manier te transitie naar een toekomstbestendige overheid aan te gaan.

Ilona Haas

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *