Governance en maatschappelijk rendement.
Gemeenten, waterschappen en provincies worden steeds meer aangesproken op het behalen van resultaten voor de maatschappij. De kwaliteit van de dienstverlening moet omhoog en dat vraagt veel van de organisaties en hun medewerkers. Tegelijkertijd worden de verantwoordelijke bestuurders geconfronteerd met budgettaire krapte waardoor er een groot beroep gedaan wordt op het creatieve- en innovatieve vermogen van de overheid om hiervoor oplossingen te vinden. Dit krachtenveld heeft zich de afgelopen jaren onder meer gemanifesteerd in de vorming van de veiligheidsregio’s, de Omgevingsdiensten en de decentralisaties in het sociaal domein.
De sleutel tot goede oplossingen is daarbij ‘samenwerking’. De uitdaging daarbij is hierbij niet gelijk te kiezen voor zware en kostbare constructies als Gemeenschappelijke Regelingen, maar te zoeken naar meer eigentijdse en passende vormen die ook het bestuur in hun kracht en verantwoordelijkheid brengen en houden.

De afgelopen jaren heb ik me met diverse projecten bezig gehouden waarin de geschetste uitdagingen zich prominent manifesteerden. Op landelijk niveau, in opdracht van het Rijk en diverse koepelorganisaties, is het project ‘output- en outcomecriteria uitvoering fysieke taken vergunningverlening, toezicht en handhaving’ uitgevoerd. Dit project heeft praktische handvatten opgeleverd hoe je deze als bestuur kunt formuleren alsmede een aantal sprekende voorbeelden.
Wil je een succes maken van de samenwerking dan is het zaak de rollen/taken/verantwoordelijkheden van iedere betrokkene goed te herkennen, vast te leggen in een overeenkomst en er naar te handelen. Vooral dat laatste is gezien de complexe constellatie vaak een zoektocht. Om bestuur en topmanagement hierbij te helpen is er een project gestart vanuit het Rijk om hierin te ondersteunen. Met praktische en op maat toegesneden workshops per samenwerkingsverband wordt het gesprek aangegaan en werkafspraken voor de toekomst gemaakt.

Mijn ervaring als projectleider/adviseur in bovengenoemde trajecten hebben voornamelijk betrekking op het fysieke domein. Naar mijn mening zijn ze echter universeel in de huidige praktijk van het openbaar bestuur en dus ook van toepassing op andere terreinen.
Ik ga graag de uitdaging aan om hierover met u in gesprek te gaan, op zoek naar innovatie en resultaat!

P.J. (Pieter-Jan) van Zanten
Ambassadeur Staatshuys